Inleiding
Huid en slijmvlies
Bindweefselplaat
Kliertjes en wimpers
Spieren en zenuwen
Meer informatie
 

Inleiding

Oogleden spelen een belangrijke rol bij het vochtig houden van het oogoppervlak. Door knipperen komt er nieuw traanvocht op het oog en wordt het bovendien verdeeld over het hele oogwit en hoornvlies. De oogleden beschermen het oogoppervlak niet alleen door het vochtig te houden, maar vormen ook een barrière tegen vuiltjes en voorwerpen die in het oog terecht dreigen te komen: als er iets op het oog afkomt dan sluiten de oogleden zich in een reflex.

De oogleden bestaan uit een aantal onderdelen met elk een eigen functie:

  1. huid en slijmvlies
  2. bindweefselplaat
  3. kliertjes en wimpers
  4. spieren en zenuwen.

Huid en slijmvlies

De oogleden zijn aan de buitenzijde bekleed met huid. De binnenzijde van de oogleden bestaat uit slijmvlies.

Bindweefselplaat

Tussen de huid en het slijmvlies van het ooglid bevindt zich in de boven- en onderoogleden een hard gedeelte: dit is de bindweefselplaat of tarsus, die van belang is voor de vorm en de stevigheid van de oogleden.

Kliertjes en wimpers

Op de plaats waar de binnenzijde en de buitenzijde van de oogleden in elkaar overgaan, bevinden zich de wimpers en de uitmondingen van kliertjes die in de oogleden zitten. De wimpers hebben in de diepte een haarwortel van waaruit de wimper aangroeit. Vlakbij de haarwortel monden talgkliertjes uit die een olieachtige vloeistof (talg) produceren. Achter de wimpers bevinden zich de afvoergangetjes van de klieren van Meiboom. Deze klieren produceren ook een olieachtige vloeistof die aan de buitenkant van de traanfilm op oogbol terecht komt. Deze olieachtige laag zorgt ervoor dat de tranen (die door de traanklier gemaakt worden) minder snel verdampen en het oog dus niet snel uitdroogt.

Tussen de oogwimpers bevinden zich kleine zweetkliertjes (de klieren van Moll en Zeiss).

Spieren en zenuwen

Aan de bindweefselplaat (tarsus) hecht ook de spier waarmee het ooglid omhooggetrokken wordt. Deze spier wordt de musculus levator palpebrae genoemd ('musculus' betekent 'spier', 'levator' betekent 'heffer' en 'palpebrae' betekent 'van het ooglid'). De spier zit met een pees vast aan de bindweefselplaat. Deze brede pees wordt de levator aponeurose genoemd ('aponeurose' betekent 'peesvlies'). Deze spier kan bewust aangespannen worden. De zenuw die daarvoor nodig is, is een takje van de derde hersenzenuw; de nervus oculomotorius ('nervus' betekent 'zenuw' en 'oculomotorius' betekent 'oogbeweger').

Er is nog een tweede spiertje dat de bindweefselplaat kan optillen: het spiertje van Müller. Dit spiertje staat, in tegenstelling tot de andere spier, niet onder controle van onze vrije wil, maar wordt onbewust aangespannen door de nervus sympaticus, bijvoorbeeld bij angst.

Dichtknijpen van het oog vindt plaats door het aanspannen van een spier die cirkelvormig rond de oogleden loopt. Deze spier wordt de musculus orbicularis oculi genoemd (orbicularis' betekent 'cirkelvormig' en 'oculi' betekent 'van de oogbol').

Meer informatie

Een filmpje van Medical Media over de werking van het oog
www.medicalmedia.nl